loesinazie.punt.nl
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Laatste reacties
    Reistips India
     
    Ik zet zoveel mogelijk reistips op een rijtje, dit wordt nog aangevuld.
     
    Geldzaken en dagbudget
    100 Rupees = bijna 2 euro. Op het vliegveld in Delhi is een pinautomaat. In de stad zijn veel banken waar je kunt pinnen. In India kun je reizen met een dagbudget van 10 euro: slapen, eten, drinken, reizen, leuke dingen doen. Het kan natuurlijk meer zijn naarmate je luxer leeft. En sommigen doen het zelfs voor minder. India staat bekend als 1 van de goedkoopste landen van Azië wat betreft eten en overnachten. Openbaar vervoer is heel goedkoop, voor 12 uur in een trein hoef je nog geen 5 euro kwijt te zijn.
     
    Alleen reizen door India
    Dat kan een hele opgave zijn. Door lange afstanden, Indiers die je de oren van het hoofd kletsen en grote drukte. Zeker als vrouw alleen. Maar als je wilt, dan kan het! Lees meer...
     
    Reistips Delhi
    Van het vliegveld naar het centrum gaat een bus voor Rs 50. Er zijn ook taxi's, duurder uiteraard. Ik heb overnacht in Paharganj, een wijk waar je een goed stukje India ziet. Goedkoop, markt, smerig, veel mensen, prachtig. Backpackerswijk, dus er is internet, boeken, reisbureautjes enz.
    Slapen: Hotel Navrang in Paharganj is het goedkoopst, rs 80. Alleen doen als je elk dubbeltje moet omdraaien, want je krijgt er niks schoons voor. Links van Hotel Navrang staat iets vergelijkbaars, ietsje schoner. Hotel Rak International daartegenover kan een betere keuze zijn.
    Doen: Het Red Fort en de Jama Masjid zijn erg mooi om te bezoeken. In Connaught Place zijn westerse winkels en restaurants te vinden Pizzahut, McDonalds)
    Delhi verlaten: Met de trein kun je naar overal in het land. Er is een International Tourist Office IN het New Delhi treinstation (laat je niet verleiden door mannetjes die je naar hun eigen office sturen). Heel simpel boeken, neem je paspoort mee (zonder paspoort geen kaartje).  
    Tourist offices kunnen bussen voor je boeken, prijzen en kwaliteit verschillen nogal.
    Reizen met de trein: Van Delhi naar Ajmir, Rs 200 (4 euro) voor een ritje van 10 uur in een sleeper class. Relaxed en goedkoop reizen, omdat je kunt liggen is het mogeljik wat te slapen. Er is ook een klasse met airco, een stuk duurder maar dan krijg je er wel een deken bij.
    Ik was bang helemaal in m'n uppie tussen alle Indiers te liggen met veel drukte en rommel, maar het viel reuze mee! Ik zat veilig en gezellig bij 3 andere toeristen.
     
    Reistips Jaipur
    Slapen: Evergreen Guesthouse
     
    Reistips Pushkar
    Slapen: Rose Garden (aan de overkant van het meer)
    Lees meer...
    Tijdens reizen van de ene naar de andere plek heeft het begrip tijd een heel andere waarde dan thuis, als je elke dag braaf gaat werken en in structuur en regelmaat zit. Zo lagen we een week geleden nog in het ziekenhuis midden in India, nu zitten we in Sri Lanka aan het strand. Het regent nu weliswaar al de hele dag, maar dat mag de pret niet drukken. Alles beter dan in India op zoek zijn naar een goede dokter. Onze ervaringen van de beruchte 6e april vergeten we nooit van ons leven, en zijn wel een verhaaltje waard.
     
    6 april: Op zoek naar een dokter
     
    Ik word wakker. Vijf uur in de ochtend. Hoe voel ik me vandaag? Ietsje beter dan gisteren. Toen ben ik mijn bed niet uitgeweest, zo zwak was ik. Toen was Rob degene die water mocht halen en een mailtje naar huis sturen dat we ziek zijn maar ons wel redden. Met Rob gaat het een stuk slechter zo te zien. Hij klaagt over misselijk, overal pijn, heel erge dorst maar niks binnen kunnen houden. Goed, het is vandaag duidelijk tijd voor actie, er moet een dokter in het spel komen. Maar waar in godsnaam vind je die, midden in het onhygienische drukke India waar iedereen je geld probeert af te troggelen? Ik pak alvast een tas in om naar het ziekenhuis te gaan, sla de Lonelyplanet erop na en vraag de hotelbaas wat we het beste kunnen doen. Hij raadt ons aan naar District Hospital te gaan, een ziekenhuis van de overheid waar hij die nacht ook een zieke Israelier naartoe had gestuurd. Die was na 2 uur infuus weer op de been.
    Zo gezegd, zo gedaan; Ik regel een tuk-tuk, pak onze tas en sleep Rob mee de felle zon in. Inmiddels wordt het in Agra zomer, met ruim 35 graden. De tien minuten naar het ziekenhuis zijn een ramp. Na 3 dagen amper de straat op de zijn geweest, schrikken we weer van de smerigheid, de drukte, het getoeter, hebben we drie keer bijna een ongeluk en hebben we geen idee wat ons te wachten staat.
    Bij het ziekenhuis aangekomen wordt de ellende nog groter. Het is vol met mensen, maar niemand lijkt ons te zien. Een paar mannen staan relaxed te kijken als ik wanhopig vraag waar een dokter is. Ze zeggen dat ik beter ergens anders naartoe kan, waar de dokters betrouwbaar zijn: daar en daar om de hoek en dan een stukje verder. Intussen staat Rob te wankelen op zijn benen, dus we gaan echt niet naar daar en daar om de hoek, veel te ver weg. En iedereen in India besodemietert je altijd, zij vast ook. Tsja, dan kunnen ze ons ook niet helpen. Er staat een hele rij vrouwen voor een loket, maar moet ik daar dan zijn? Rob trekt de stoute schoenen aan en loopt ergens binnen. Een zuster wijst ons naar hok 24. Wij naar hok 24, daar zit een man in een witte jas. En veel patienten. Hij kijkt niet op of om. Na een tijdje neemt een ander mannetje ons mee naar hok 28. Daar zit ook een man in een witte jas, te kletsen met iemand anders. Of hij ons kan helpen? Dan moeten we eerst bij dat loket een briefje halen. Oh god, komen we hier ooit nog uit? Ik sta in de rij van het loket. Komen 3 mannen ineens met een briefje aan. Ja, wist ik veel dat ik niet bij de vrouwen in de rij moest, maar bij het mannenloket. De 3 mannen vergezellen ons vrolijk lachend terug naar hok 24, waar we al snel bij een dokter aan tafel zitten. Hij meet de bloeddruk van Rob, luistert over zijn shirt heen met een stethoscoop, en weet dan voldoende. Hij schrijft 3 pillen op een briefje, die we bij de apotheek moeten halen. Dan mogen we vertrekken. Ik protesteer dat Rob al 3 dagen geen eten of drinken binnen houdt, dus pillen hebben we niks aan. Hij zegt dat we dan meer bananen en rijst moeten eten. We mogen vertrekken.
     
    Wat we uiteraard doen. Hier hebben we niks te zoeken. Hier kan niemand ons helpen. Daar stonden we weer, als twee hoopjes ellende midden op straat, te wachten op een tuk-tuk. In een apotheek vroeg ik voor het idee nog naar de pillen, maar die hadden ze niet. De tuk-tuk-driver die ons naar het hotel bracht, stopte onderweg bij een dokter in een hokje dat er nog erger uitzag dan het ziekenhuis. Hij kon vast veel geld vangen als wij daar naartoe zouden gaan. Nee bedankt, doe ons maar weer onze veilige hotelkamer.
     
    Maar het gaat steeds slechter, want ik voel me ellendig en wanhopig, terwijl Rob amper nog kan praten. Er moet iets gebeuren, maar niet weer zo'n ziekenhuis! Ik vraag de hotelbaas nogmaals of hij nieuwe tips en adviezen heeft. Ja, hij weet wel een ziekenhuis, maar dat is een privekliniek, dus die is wel duur. Boeit me niet, als we zo blijven liggen haalt ie de volgende dag niet en dan hebben we niks meer aan geld. Ik ben zo helder van geest om eerst zelf naar het ziekenhuis te gaan, voordat ik Rob weer meesleep naar iets waar hij alleen maar slechter van wordt.
     
    Als ik 10 minuten later bij de kliniek van dokter Jaggi aanklop, gaat er een hemel voor me open. Een man in een witte jas spoedt zich naar me toe, stelt zich voor als assistent en vraagt wat het probleem is. Als ik zeg dat ik een vriend heb die errug ziek in zijn hotel ligt en een dokter moet zien, spoedt hij zich naar een kantoortje waar ik meteen naar binnen mag. Daar zit De Dokter, in een prachtige steriele witte kamer, nog mooier dan die van mijn eigen huisarts. Als ik zeg wat er aan de hand is, komt er meteen actie. Een auto staat klaar om Rob op te halen in het hotel, de dokter zal onderzoeken gaan doen, ik hoef me geen zorgen te maken om geld want de rekening gaat rechtstreeks naar de verzekering en hij verzekert me dat alle naalden en middelen absoluut veilig en hygienisch zijn. Gelukkig, komt het nu eindelijk goed?
     
    In een echte auto (een echte auto! Ik heb al weken niet in een echte auto gezeten!) word ik naar ons hotel gebracht. Na een sprint naar de kamer tref ik Rob aan die het niet meer ziet zitten, die aan het eind van z'n latijn is. Ik zeg hem de verlossende woorden: 'Rob, we gaan naar een dokter die nog beter is dan de jouwe thuis.' Daarmee vond hij alsnog de kracht om op zijn benen te gaan staan en mee naar het ziekenhuis te gaan.
     
    Dokter Jaggi zag, in tegenstelling tot de dokter van die ochtend, meteen de ernst van de situatie in. Hoge koorts, ernstig uitgedroogd, veel te lage bloeddruk en een bacterie in de darmen. Spoedopname! Binnen 10 minuten ligt Rob in een witte kamer op een wit bed met een infuus in zijn arm voor vitaminen en mineralen, hij krijgt een spuit in zijn kont en bloed wordt afgenomen. De assistent verzekert hem dat hij over 2 uur weer fit is, wat achteraf toneelspel bleek te zijn want pas na 6 dagen was hij weer fit.
     
    Als Rob veilig ligt te slapen, denk ik aan mezelf. Laat ik ook eens met die dokter gaan praten. Er zitten andere patienten te wachten, maar ik mag meteen naar binnen. Dr Jaggi verwachtte me al, want ik zag er ook niet top uit. Zo'n beetje dezelfde conclusie wordt gesteld: veel te lage bloeddruk, uitgedroogd en een bacterie in de darmen. Ik word opgenomen in het bed naast dat van Rob.
     
    En zo lagen we daar, 6 dagen lang, 24 uur per dag. Gelukkig waren we al gewend om samen te zijn, anders is het geen pretje om ineens met iemand ziek op een kamertje te liggen. Allerlei onderzoeken werden gedaan, er moest gekeken worden welke bacterie de boosdoener was. Het bleek Ecolie te zijn. De oorzaak is misschien eten of drinken, of de algemene onhygiene in het land. We krijgen heel veel pillen daarvoor. Mijn blaasontsteking was er ook nog steeds, dus die is met de antibiotica ook opgelost. We krijgen vele flessen mineralen en antibiotica in ons bloed via een infuus, tot onze handen er pijn dan doen. De dagelijkse spuiten in ons bil zijn geen pretje, maar het schijnt goed te zijn. Het duurt lang voor we ons weer fit voelen, we blijven heel zwak. De eerste dagen hebben we niet eens de kracht om naar de gang te lopen.
    De verzekering belt elke dag bezorgd op. Die krijgen natuurlijk een grote rekening van deze privekliniek, en willen weten hoe ziek we zijn. We kunnen ze verzekeren dat we ze echt nodig hebben, en niet voor niks in het ziekenhuis liggen. Verder hebben we dagenlang geen contact met de buitenwereld, want de weg naar internet is te lang. Zelfs onze ouders weten pas op de tweede dag dat we in het ziekenuis zijn beland. Bezoek van vrienden en familie, kaartjes boven ons bed, fruitschalen, ballonnen, telefoontjes, smsjes, het zit er dit keer niet in. Als je op reis bent, moet je het alleen doen. Helemaal alleen, maar wij gelukkig samen.
     
    Terwijl het buiten ruim 40 graden is en de mussen van de Taj Mahal vallen, liggen wij naast de airco alle films te kijken die op Star Movie komen. Ook bedenken we of we onze vlucht naar Sri Lanka wel kunnen halen, en of we ooit de Malediven nog zullen zien, of dat we ineens eerder thuis zijn dan verwacht.
     
    En hier zitten we, een week later, in Sri Lanka. Op de dag van onze vlucht mochten we van de dokter gaan. We waren van het infuus af, hoefden alleen nog maar pillen te slikken. We mochten weer op eigen benen staan, zodat we zelf konden aansterken. Wat waren we blij dat we naar Sri Lanka gingen, en niet nog een dag of zelfs langer in India moesten blijven! Om te vermijden dat we de ellende van India weer in moesten (de tuk-tuks, treinen, vervelende verkopers, stinkende geuren, koeien, getoeter, extreme hitte) regelden we een taxi met airco die ons voor het ziekenhuis kwam ophalen, en 5 uur later op het vliegveld in Delhi zou afzetten. Dat kost ff wat, maar dan heb je wel rust. En die hadden we nog zo hard nodig!
     
    Gelukkig vinden we die rust in Sri Lanka. Wat een heerlijk land met heerlijke mensen, korte busritjes en lekker eten. Ons lichaam heeft nog zijn tijd nodig om helemaal te herstellen, maar we redden ons wel. Want hoe het ook zij, nog liever dan thuis in de kou te moeten werken, zitten we aan deze kant van de wereld met een verse ananassap te kijken hoe de regen in de golvende blauwe zee valt.
     
    Dit verhaal vergeten we nooit meer, het is een ervaring voor het leven. En leven doen we nog!
    Lees meer...
    De algemene regel is: 'In India word je ziek'
     
    Zover is het nu met ons. We zitten er al weken tegenaan. Ik ben al vanaf dag 1 aan het kwakkelen met m'n gezondheid, heb telkens wel wat; hoofdpijn, buikpijn, blaasontsteking, vermoeidheid, geen eetlust, de bekende darmproblemen... erg vermoeiend allemaal, maar ik ging gewoon door. We reisden gewoon verder, we wilden tenslotte een heleboel zien.
     
    Maar nu liggen we dan toch echt plat. Er wordt even niet verder gereisd. Rob is er slechter aan toe dan ik, want ik kan nog lopen. Hij doet met z'n koorts niets anders dan liggen en zweten. In alle rust mag ik voor zuster spelen, zoals hij 6 maanden geleden voor me zorgde toen ik ziek in Bangkok lag (daardoor hebben we elkaar leren kennen, dus ziekte is wel iets wat ons bindt ;)). Banaantje prakken, water halen, boullion maken, wc poetsen, koorst opmeten, ik heb belangrijke taken. En tussendoor zoveel mogelijk op bed liggen, proberen te eten en drinken.
     
    We slapen in een goed hotel (Hotel Kamal in Agra, aanrader, staat in de Lonely Planet). We heben een nieuwe koelere kamer gekregen, eten en drinken krijgen we aan ons bed gebracht en ze kwamen zelfs met een bak ijs aanzetten. Je hebt hier niet net als thuis mooi een zakje ijs uit de vriezer, maar gewoon een bak met een grote blok ijs en een mooi doekje. Dat helpt tegen de koorst.
     
    We blijven nog wel een paar dagen in Agra zitten (liggen), zodat we extra lang kunnen genieten van het uitzicht op de Taj Mahal. Eigenlijk willen we doorreizen naar Varanasi, maar over 6 dagen moeten we in Delhi zijn voor onze vlucht naar Sri Lanka. Helaas gaat het mooiste stuk van onze India-reis dus niet door. We hebben nog veel moois in het vooruitzicht, dat scheelt.
     
    Dit is een minder leuk bericht van Loes in Azie, maar dat hoort bij het reizen. En zeker in India. Op lezers maken zulke berichten indruk, weet ik nog van mijn vorige reis. In tweede week was ik ziek, en toen ik 4 maanden later thuis kwam was de meestgestelde vraag of ik weer helemaal opgeknapt was. Heel lief dat er zo wordt meegeleefd. We komen er wel weer bovenop, we hebben geduld. En elkaar!
    Lees meer...
    Als vrouw alleen door India reizen
     
    Heel veel meiden die in India willen gaan reizen, vragen zich af of dat wel veilig is en of het wel goed te doen is. Daar is geen eenduidig antwoord op te geven.
     
    Ik ervaar India niet als onveilig. Ik heb als vrouw alleen door India gereisd, en dat was goed te doen. Ik vind het wel prettiger om samen met een man te reizen (of zowiezo met iemand samen). Dan kun je de aanspraak die je krijgt verdelen, en ik merk dat Rob op straat vaker wordt aangesproken dan ik als we samen zijn (hij is de man, hij heeft het geld, hij heeft het voor 't zeggen, misschien in hun ogen). Het kan erg vermoeiend zijn om steeds te worden aangestaard, aangesproken en achtervolgd. Hier kun je echter op verschillende manieren op reageren; door te negeren, van je afbijten of het gesprek aangaan. De openheid van de Indiers maakt het wel heel makkelijk om met ze in contact te komen en veel over hun cultuur en land te leren. Ik voelde me hier niet onveiliger dan in Nederland. Ik word vrijwel altijd met respect en interesse benaderd. Indiers zijn vaak heel direct, dat kun je zelf dus ook zijn. Nadeel van alleen reizen vind ik lange bus- en treinreizen waar je lang niet altijd andere toeristen tegenkomt. Natuurlijk is het prima reizen met de lokale bevolking, maar als je net een groep mannen treft die om je heen zitten in de bus voelt dat niet altijd prettig.
     
    Als je goed op jezelf past, genoeg kleren aantrekt en niet zomaar met iedereen meeloopt en niet in het donker alleen over straat gaat (dat zijn regels die natuurlijk overal gelden), vind ik dat je in India als vrouw alleen prima kunt reizen. Ik kom trouwens heel veel alleenreizende vrouwen tegen. Ondanks dat het heel vermoeiend kan zijn om in India te reizen, is het wel mogelijk en zijn er geen 'speciale redenen' waarom je het niet zou doen als je echt wilt.
     
    Kijk op het weblog van Dita als je wilt lezen hoe deze meid maandenlang in haar eentje door India reisde.
    Lees meer...
    28 maart: De dag van mijn derde doktersbezoek in Azie
     
    Normaal gesproken ben ik iemand die nooit ziek is, en die 1 keer in de 5 jaar een dokter ziet. Het afgelopen half jaar heb ik inmiddels 5 bezoekjes aan een dokter gebracht, waaronder in Thailand, Vietnam en nu ook India. Vooral in het buitenland telkens weer een belevenis. Lees hier over mijn vorige doktersbezoeken Azie.
     
    De derde dokter (maart 2006)
    Lokatie: Delhi, India
    Klachten: een te lang aanhoudende blaasontsteking, waarvoor ik thuis ook al medicijnen had maar die niet genoeg geholpen hebben.
     
    In het buitenland naar een dokter gaan is niet het eerste waar je zin in hebt. En al helemaal niet in India. Alles is vies en smerig, ze zitten allemaal in een klein hokje en je hebt geen idee hoe serieus ze zijn. Maar ja, ik kan niet nog maanden op pijnstillers blijven rondlopen. Ik heb afgewacht tot ik in Delhi was, want om in een klein plaatsje naar een ziekenhuis te gaan vond ik helemaal een grote stap. In een stad moet toch iemand betrouwbaars te vinden zijn. Maar dan nog, waar in deze miljoenenstad moet je naartoe?
    Op advies van de baas van m'n hotel ging ik naar een klein kantoortje om te hoek, waar een volgens hem hele lieve man zat die me kon helpen of eventueel doorverwijzen. Vol goede moed ik naar hem toe. Wat je dan vanaf de straat al ziet is een wachtkamer (van 2 bij 2 meter) met 2 banken (meestal vol mensen), en een gordijntje met daarachter de man in kwestie. Toen ik stond te kijken of ik wel durfde, kwam er (zoals normaal gesproken bij elke winkel gebeurt) meteen een mannetje naar me toe die vroeg wat mijn klachten waren. Hij bleek de assistent te zijn. Ik gaf te kennen meneer de dokter te willen spreken, en ja hoor, voor 4 euro kon dat wel. Ik mocht meteen achter het gordijn (een bureau, wat stoelen en veel gezondheidsposters, ook 2 bij 2 meter), waar de goede man nog met een andere patiente zat te praten. Toen zij weg was, bleef er alleen nog een andere man zitten. Wat die daar deed weet ik niet, maar het zijn van die dingen die je accepteert omdat het nou eenmaal India is. Privacy heeft hier een andere betekenis dan in Nederland.
    Toen ik vertelde waar ik last van had, reageerde hij hetzelfde als mijn huisarts thuis. Hij wilde weten welke medicijnen ik al had gebruikt, en eerst een onderzoek doen voordat hij zomaar iets voorschreef. Het klonk erg professioneel. Hij gaf nog wat tips over eten, drinken en gezondheid in de tropen, en na betaling mocht ik de volgende dag terug komen. Buiten het doktershokje zag ik hoe de assistent bij een vrouw de bloeddruk aan het opmeten was, en bij een ander een spuit werd gezet. En dat alles gebeurt dus eigenlijk op straat, want een deur is er niet.
     
    Wat een ervaring weer. En als hij me nu ook van mijn klachten af kan helpen, is het helemaal geweldig. De man leek helemaal in zijn nopjes dat hij met mij, uit Holland, mocht praten. En hij heeft toch weer mooi 4 euro verdiend, een consult voor een Indier is vast goedkoper.
    Lees meer...
    Vertrekken uit Pushkar is niet makkelijk
     
    Pushkar is een stadje waar je niet meer wegkomt. Waar je blijft plakken. Waar je je lang kunt vermaken. Ik had hier al eens een week vertoefd, en ook nu vertrekken we pas na 7 dagen. Er zijn mensen die hier weken blijven relaxen, of zelfs die vanuit Nederland naar Pushkar op vakantie gaan, in plaats van naar een huisje op de veluwe of in Zuid-Frankrijk.
     
    Het stikt van de toeristen, wat op zich jammer is want daarvoor kom je niet naar India, maar wat wel voordelen met zich meebrengt. Naast de heerlijke Indiase gerechten kun je ook eens genieten van een lekker bord spaghetti of chocoladecake. Elke 3 meter staat een internetcafe, alle mogelijke kleding is te koop of te laten maken, en kindjes van 3 weten al hoe ze om pennen, snoep en geld moeten vragen. Ook is het makkelijk een trein- of busticket te laten regelen, wat op andere plekken nogal eens wat moeite kost.
     
    Het meer in Pushkar is heilig, en heeft een verslavende aantrekkingskracht. De zonsondergang is er elke dag mooi, dus enige uren op de trappen zitten (tussen 80 andere toeristen dus) is geen straf. Indiers proberen dan natuurlijk geld aan je te verdienen door sieraden te verkopen, voor je neus een lokaal instrument te bespelen, je handen vol henna te smeren, of gewoon langs de kant van de weg te gaan zitten. Ook zijn er mannen die je een bloem geven die je dan moet offeren aan het meer zodat je geluk en gezondheid en nog een heleboel meer kan krijgen. Ze vertellen er achteraf pas bij dat ze daar 50 euro voor willen hebben (ook al kun je afdingen tot een kwartje). Maar daar trappen wij niet in (ik heb eens een tijdje een hele boze man achter me aan gehad toen ik niet wilde betalen nadat hij het bloemetje in m'n handen had gestopt).
     
    Er zijn veel goedkope guesthouses. Voor de niet-reizigers onder ons, dat zijn dus de hotelletjes waar je slaapt. We betalen 3 euro per nacht voor een kamer met een bed, een wc en een douche. Verwacht dan niet dat het brandschoon en blinkend nieuw is, want de deur sluit slecht, er zitten grote vlekken op de muren en plafond, de wc spoelt niet goed door, de wastafel is smerig en de douchekop is met plakband vastgemaakt. Maar het is goed te doen, voor zo weinig geld moet je niet teveel eisen stellen.
    De meest geweldige plek in zo'n guesthouse is op het dak. Daar is een mooi terrasje, met kussens om op te hangen en obers om de hele dag door je eten en drinken te bestellen. Het uitzicht over de stad omringd door bergen, gaat niet vervelen. Ook is er een zwembad, maar dat hebben we niet geprobeerd (je weet niet wat er hier in het water zit dat al een tijdje stilstaat en er niet zo fris uitziet).
     
    Het dak is voor de inwoners van Pushkar ook de plek om de nacht door te brengen. Het wordt nu zomer, het hete seizoen komt eraan. Op dit moment is het 30 tot 35 graden, en 's nachts koelt het niet erg af. Over een paar weken wordt het tot 40 graden, en na juni kan het zelf 50 worden. Oftewel, dan wil je hier niet zijn! Het is eigenlijk dom van ons dat wij in een muf kamertje gaan liggen waar we klagen dat het warm is, terwijl het buiten veel lekkerder is.
     
    Wat in het begin even schrikken is, maar na een paar dagen went, is dat de stroom regelmatig uitvalt. Meestal maar voor een paar minuutjes. Best even eng als je om 10 uur 's avonds door een straatje loopt, en het wordt ineens pikdonker. Het is een heel mooi gezicht om plotseling een hele stad donker te zien worden, slecht verlicht door de maan en sterren.
     
    Maar na een week relaxen is de dag van vertrek toch weer aangebroken. We hadden een paar dagen geleden eigenlijk al een busticket, maar zijn toen toch niet gegaan. Vandaag vertrekken we naar Delhi, de hoofdstad met ruim 12 miljoen inwoners. Weg van een 'vertrouwd' plekje, nieuw avontuur tegenmoet.
    Lees meer...
    Het zoeken van rust (en niet vinden)
     
    Iedereen die in dit land is geweest zal het beamen: in India is het druk. Wat dit precies inhoudt en hoe je ermee omgaat, ligt eraan waar je bent en hoe je je voelt. Er is natuurlijk een verschil tussen druk in een drukke stad, en druk in een bergdorpje. Als je vrolijk bent vind je het gezellige drukte, en als je chagerijnig bent wordt dat door de drukte nog veel erger. Je kunt er dan niet tegen dat mensen tegen je aanbotsen, je voortdurend aanspreken (hello, which country, what is your name, 1 roepie please, money money, hungry hungry), dat koeien in de weg staan en dat scooters je van je sokken rijden. In een goeie bui ga ik grapjes maken tegen opdringerige verkopers, kletsen met bedelende kindjes en foto's maken van alles wat me omver rijdt.
     
    Door de drukte is rust zoeken niet makkelijk; onszelf opsluiten op mijn hotelkamer, een potje Rummikubben en echt niet meer de straat op willen om te eten, komt regelmatig (dagelijks?)voor. Vooral in steden vol toeterende auto's en stinkende uitlaatgassen (Ahmedabad, Mumbai, Jodhpur, Delhi, Jaipur, om maar ff wat te noemen). In Mount Abu, een plaatsje boven op een berg, was dat een ander verhaal. Daar was het voor Indiase begrippen erg rustig. Vandaar dat het er helemaal vol zat met toeristen; geen westerse, maar de vakantievierende Indiers. Gezellig volkje, erg open in hun contact, en erg geinteresseerd in alles wat blank is. Soms iets te open en te geinteresseerd. En dan kun je de rust die je zoekt zelfs op een rustige plek niet vinden.
     
    Fotogeniek? Fotoziek!
    Zo wilden we op een zonnige middag in een parkje gaan liggen, compleet met kleedje en koekjes. Lekker uitrusten. Eigenlijk wisten we bij voorbaat al dat het zou mislukken, want de dagen ervoor waren we al tientallen keren uitgenodigd om samen met vakantievierende Indiers op de foto te gaan; toen we op een waterfiets zaten, toen we een bergwandeling maakten, toen we op een bankje bij het meer zaten, constant kwamen er mensen op ons af. Zwaaiend met een fototoestel (zo eentje met een rolletje die ik vroeger had, die een beetje sneu afsteekt bij de hippe digitale van ons), of wij uit Holland alsjeblieft met hen op de foto wilden. Ik overdrijf niet als ik zeg dat er soms een groep van 20 jongens om ons heen stond die stonden te juichen als we tussen hen in ging staan. Ook tijdens het eten in een restaurant kwamen er een paar stelletjes op ons af. Of we even bij hen wilden komen staan. Na de foto mochten we weer gewoon verder eten. We konden er wel om lachen.
     
    Maar terug naar het park. We waren nog op zoek naar een plekje, toen een vader me aansprak en zijn twee verlegen zoontjes naast me neerzette. Ja hoor, Loes lacht wel even voor deze lieve mannekes. Even later hadden we ons nog maar net geinstalleerd op een bankje, toen we de stelletjes van het restaurant van de dag eerder om ons heen zagen drentelen. Ze wilden duidelijk komen vragen of ze nog meer foto's konden maken. Dit deden ze met de smoes dat die van gisteren mislukt waren. Vooral de vrouwen vind ik dan leuk, want die lachen heel verlegen terwijl de mannen het woord voeren. Ze genieten ervan als ik hun hand vasthoud. Leuk om te zien. Ze bedankten ons hartelijk, en terwijl ze zwaaiend wegliepen kwamen er een paar jongens op ons af. Ze hadden 1 stoere zonnebril die ze om de beurt opzetten als ze met ons op de foto gingen. Grappig om te zien, die pubertjes. Van rust kwam echt niks, want de volgende groep stond alweer klaar. Zo'n 20 man stond om ons heen, met een joekel van een camera, het leek wel professioneel. Werkelijk, ze wilden allemaal om de beurt met ons (en vooral mij natuurlijk) op de foto. Ze stonden te dringen in de rij. Het leek wel een fotosessie, en ik voelde me een foto-model. En een filmster. En de koningin.
     
    In ieder geval voelde ik me een heel belangrijk iemand, waarvan de rust op een zonnige dag voortdurend verstoord werd. En dat gaat dan meer en meer irriteren. Het volgende groepje vond ik wel weer leuk: een stel mannen die heel serieus waren, en een uur later de afgedrukte foto's kwamen laten zien. Ik was toen in een uur tijd al zo'n 80 keer op de foto gegaan, en was nog niet aan bladzijde 2 van mijn boek aangekomen. Bij de volgende en laatste groep was de maat vol. Ik zag ze uit mijn ooghoek al aan komen lopen. Ik bleef extra verdiept in mijn boek, maar natuurlijk spraken ze ons toch aan. Ze mochten wel naast me komen zitten, maar echt zin om te lachen had ik niet meer. Een jongen was wat brutaal, hij wilde mijn arm om z'n schouder, dat ik meer lachte, en tussen mij en Rob in gaan zitten. Toen was het voor mij klaar. Ik had genoeg vogeltjes zien flitsen. Ik had genoeg mannen aan m'n zij gehad. Ik had genoeg in dit mooie parkje gezeten. Ik ging naar mijn hotelkamer, om lachend te beseffen dat ik nooit beroemd, bekend of berucht wil worden.
    Lees meer...
    Reizen door India!
     
    Onze trip begint in Mumbai.
     
    Het is de bedoeling om door de provincie Rajastan te reizen via Jodhpur, Jaisalmar, Jaipur, naar New Delhi. Na de Taj Mahal in Agra en het indrukwekkende Varanasi hopen we naar Nepal te kunnen gaan.
     
    Daarna? De tijd zal het leren. Het enige wat vast ligt, is het vliegticket terug naar huis op 31 mei vanuit Mumbai.
    Lees meer...
    We hebben een echt Indisch feest mogen meemaken. Holi is de naam. Het is een feest uit het Hindoeisme, en we hadden 's ochtends al snel besloten dat wij dit niet mee gaan vieren en voor de rest van de dag het dorp uitgaan. Waar Holi precies voor staat weet ik niet, maar het komt erop neer dat mensen heel blij zijn en elkaar Happy Holi wensen. Niks raars aan, zou je denken. Anders wordt het verhaal als je ziet hoe ze elkaar met poeder en vloeistoffen in alle kleuren van de regenboog besmeren en bekogelen. Er lopen mensen rond die van top tot teen rose, paars, groen of alles door elkaar gekleurd zijn. Het wordt vooral in het gezicht gesmeerd. Omdat we niet weten of dat spul nog uit je kleren gaat, we bijna geen kleren bij ons hebben en het wel een grappig gezicht vinden maar geen zin hebben om zelf besmeurd te worden, proberen we sneaky het dorpje uit te wandelen. Een groep jongens staat zich in het meer te wassen, een erg kleurrijk gezicht en ze willen graag op de foto. Helaas hebben een paar kindjes vanaf een dak ons in de gaten, en beginnen paarse dingen naar ons te gooien. We zetten het op een rennen, en wonder boven wonder zijn we niet geraakt. Wat een lol dat de kids hebben, en wij stiekem ook natuurlijk. Tijdens onze wandeltocht buiten het dorp komen we regelmatig groepen mensen tegen die helemaal gekleurd zijn, en dronken. Het feest gaat nog door tot in de nacht, en we zien kleurrijke taferelen. Een jongen die in ons hotel werkt en altijd in een wit pak loopt, is helemaal paars geworden. Van een paar toeristen is de blanke huid niet meer te zien. De straten zitten vol gekleurde vlekken. We blijven een beetje op afstand, maar vrolijk om te zien is het wel!
    Lees meer...
    Gebrek aan dieren tijdens het bezoek aan het wildlife park (we praten nog steeds na over de gave krokodil die we hebben gezien) werd goedgemaakt tijdens een late wandeling door de lege straten van Mount Abu. Staat er ineens een paard op de weg. Midden op de weg. Koeien zijn we inmiddels gewend, maar een loslopend paard dat onschuldig om zich heen staat te kijken alsof ie alle vrijheid van de wereld heeft, is weer wat nieuws. We mogen het dier aaien, en hij trippelt vrolijk door. Een stukje verder staat een kleiner paard het zou haar dochter kunnen zijn. We bekijken met een glimlach hoe de twee net als wij een avondwandeling maken. Die glimlach wordt verstoord als we zien dat ze een paar koeien naderen, die in een berg afval staan te wroeten. De straten in India zijn altijd vol koeien en vol afval. Het is normaal dat koeien tussen de bergen rommel op zoek zijn naar wat eetbaars, en daardoor alles wat ze niet nodig hebben door de hele straat verspreiden. Ook daar zijn we inmiddels aan gewend. Toen de paarden te kennen gaven mee te gaan wroeten in het afval, gingen de koeien van schrik een stap opzij. Blijkbaar was het voor hen ook geen dagelijkse gewoonte om een paard tegen het lijf te lopen. Toen er ook nog een hond bij kwam staan, en een jongen een extra zak afval tussen de beesten gooide (waar het kleine paard meteen van begon te smullen), was het India-plaatje helemaal compleet. Dit hele verhaal klinkt misschien onbenullig, maar nog nooit eerder zag ik tijdens een avondwandeling een stel koeien, paarden en een hond midden op straat in een berg afval staan wroeten. En zo is alles wat je voor het eerst ziet (vooral de extremen in India) even wennen.
    Lees meer...
    Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl